Staringlaan 21 - 25 © Kantekst.nl 2007 |
Auteur: A. Segers, geplaatst: 20 augustus 2007 1673 Zeeslag bij Kijkduin. We schrijven een zeer donkere periode uit de Nederlandse geschiedenis. Het jaar 1672 staat in de geschiedenisboeken bekend als het rampjaar. De derde Engelse oorlog, de oorlog met Munster en Keulen en de oorlog met Frankrijk zorgen ervoor dat de Nederlandse staat op het einde van haar bestaan gekomen lijkt te zijn. De legers van Munster en Keulen veroveren grote delen van de Nederlanden in het Oosten. Uit het Zuiden trekken de Franse legers het land binnen, en op zee bedreigt een gecombineerde Engels-Franse vloot onze kusten. Diverse slagen De verschillende vloten van de Nederlandse staten staan onder leiding van admiraal Michiel Adriaanszoon de Ruyter. Hij wordt bijgestaan door onder andere de admiraals Tromp, Evertsen en Van Gent. Er worden verschillende plannen bedacht om de Engelsen op zee te verslaan en in mei 1672 probeert een licht eskader zelfs het kunstukje van de tocht naar Chatham uit 1667 te herhalen. De Engelsen zijn nu echter beter op hun hoede en ook beter voorbereid dan in 1667 en de vloot moet zich dan ook al snel terugtrekken. Voorafgaand aan de slag In juni van het jaar 1673 raakt de Ruyter met zijn vloot tweemaal slaags met de Engels-Franse vloot bij het plaatsje Schooneveld. Beide vloten verliezen geen schepen, maar de Engelse vloot raakt toch zo beschadigd dat deze moet terugtrekken naar Engeland om de nodige reparaties uit te voeren. In deze beide slagen verwijten de Engelsen de Fransen dat deze veel te bang zijn voor de Nederlanders. Dit was ook zo, de naam van ‘De Ruyter’ werd in Frankrijk met respect uitgesproken. Zodra de Engelse oorlogsvloot weer gerepareerd is vaart deze opnieuw uit. De gecombineerde vloot van Engelse en Franse schepen bestaat uit niet minder dan 86 oorlogsschepen en 28 branders. Branders zijn kleine schepen die tijdens een zeeslag in brand gestoken worden en dan brandend op de vijandelijke vloot afvaren in de hoop een schip in brand te steken. Tijdens zeeslagen op volle zee bleek deze manier echter niet effectief omdat deze branders niet konden worden bijgestuurd en daarom gemakkelijk te ontwijken waren. De slag bij Kijkduin De vloot krijgt van de stadhouder opdracht naar het Noorden te varen om de strijd aan te gaan met de vijandelijke vloot. Hierdoor zal dan deze handelsvloot veilig binnen kunnen varen en als de Engelsen en Fransen verslagen kunnen worden kan daarmee ook de dreiging van een landing worden afgewend. Volgens de gewoontes van die tijd waren de vloten opgedeeld in verschillende eskaders. En zo bond het Nederlandse eskader onder leiding van admiraal Blankert de strijd aan met het Franse eskader onder leiding van D’Estrée, Tromp raakt met zijn eskader slaags met het Engelse eskader onder leiding van de Engelse admiraal Spragge en De Ruyter raakte met zijn eskader slaags met prins Rupert. Zo kun je dus stellen dat deze zeeslag eigenlijk bestond uit drie parallelle zeeslagen. De afloop Uiteindelijk komt er aan het einde van de dag een einde aan het gevecht en trekken de Engelsen zich terug. Hoewel de verliezen bij beide partijen ongeveer gelijk zijn is de overwinning toch weer voor de Nederlandse vloot omdat opnieuw de dreiging van een landing is afgewend. Later blijkt wel dat van de 6 schepen tellende handelsvloot die op weg was naar Texel er al 4 schepen in Engelse handen gevallen waren. De directe aanleiding van de slag het beschermen van deze handelsvloot was dus niet gehaald, maar het gevaar voor een landing was definitief afgewend. Het moreel onder de Engelse bevolking was toch al niet zo hoog en na dit verlies hadden de Engelsen het al gauw gezien. Als dan ook Munster en Keulen het opgeven, moet ook Frankrijk de oorlog stoppen en zo kan in 1674 de vrede van Westminster worden getekend. De Nederlandse staat is gered. Literatuur
| Ga hier naar het archief van eerdere artikelen > >
Zeeslag bij Kijkduin Kaart Noordzee Michiel de Ruyter Cornelis Tromp De zeven Provinciën Admiraal Prins Rupert Admiraal D'Estrée |







