Naar website Historizon >>

1961: De bouw van de Berlijnse muur

 Op 13 augustus 1961 bouwden de Oost-Duitse autoriteiten in het holst van de nacht een muur die de stad Berlijn scheidde in twee delen. Deze tweedeling van een oostelijk en een westelijk deel van de Duitse hoofdstad zou voortduren tot 1989. De man die verantwoordelijk was voor deze radicale verandering was de eerste staats-en partijleider van de Deutsche Demokratische Republik (DDR), Walter Ulbricht. Ulbricht streed al sinds de oprichting van de Oost-Duitse ‘arbeiders en boerenrepubliek’ alias de DDR in 1949 met een drietal grondige problemen.
           
Problemen
Ten eerste bestond het probleem van de heersende hoogconjunctuur en het gebrek aan arbeidskracht in West-Berlijn. Aangezien de grenzen van zowel de DDR als van de Bundesrepublik Deutschland (BRD) geopend waren konden de burgers van beide  landen zich vrij bewegen. Duizenden DDR-burgers zagen hun kans schoon en gingen in het Westen werken. Zij wisselden vervolgens hun Westmarken in voor Ostmarken verdienden op deze wijze maarliefst vier keer zoveel als hun collega’s in Oost-Berlijn. De verleiding van het welvarende Westen was te groot. In de periode van 1955 tot 1961 verdubbelde het aantal van zogenoemde Grenzgänger (grensforenzen) tot 60.000 dat gelijk stond aan 10 procent van de werkende Oost-Berlijnse beroepsbevolking. De DDR-propaganda noemde deze mensen ‘verblinde mensen’ door de toegebrachte beschadiging van het socialisme en het verraden van hun landgenoten.
            Een tweede probleem voor de DDR-leiding was de emigratie van hoogopgeleide en waardevolle arbeidskrachten. Veel academici, technici en ziekenhuispersoneel zagen hun kans schoon en ontvluchtten de DDR. De economie van de DDR bloedde leeg en daarnaast leidde  het land aan prestigeverlies. In 1961 en 1962 verlieten 200.000 mensen de DDR waarvan de helft jonger was dan 25 jaar.
            Het laatste probleem waar Ulbricht mee kampte was van politiek-diplomatieke aard. West-Berlijn werd bezet en bestuurd door westelijke geallieerden. Deze voor de DDR vijandelijke mogendheden bevonden zich in het hart van de Republiek, Berlijn. Ulbricht drong in Moskou aan op een vredesakkoord waarin de status van Berlijn duidelijk geregeld zou worden en de westerse geallieerden zou dwingen te vertrekken. Maar helaas voor Ulbricht slaagde deze tactiek niet en kwam er niets van een vredesakkoord terecht.
Ulbricht moest een manier vinden om de economische, politieke en diplomatieke problemen op te lossen. Om zijn doel te bereiken greep de DDR-leider naar drastische maatregelen. De reizigers van Oost naar West werden steeds strenger gecontroleerd. De grenspolitie trad harder op tegen forenzen die te veel geld, linnengoed of kleding bij zich hadden en namen hun paspoorten voorlopig in beslag. Ook de propagandamachine kwam in werking. Overal in Oost-Berlijn werden grote plakkaten en posters opgehangen die waarschuwden tegen de ‘imperialistische en militaristische mensenhandelaars’ uit West-Berlijn die arme Oost-Berlijners zou verleiden om ze vervolgens in te zetten in de wapenindustrie. De grensforenzen werden afgeschilderd als zwendelaars en moesten zich voortaan laten registreren. Hiernaast broedden de autoriteiten op een plan om een grenskassa in te stellen waar de Oost-Berlijners hun in West-Berlijn verdiende geld verplicht moesten inruilen tegen Ostmarken tegen een ongunstige wisselkoers. Ulbricht kreeg tenslotte de communistische leider van Polen Gomulka zo ver dat hij hem zou ondersteunen op de conferentie van communistische politieke leiders in Moskou. Gomulka en Ulbricht verzochten Chroesjtsjov om definitief af te rekenen met de onhoudbare situatie in Berlijn.

Bouw van de muur
Ulbricht kreeg wat hij wilde, om 00.00 in de nacht van 12 op 13 augustus 1961 werden de geheime plannen van het DDR-regime uitgevoerd. De Nationale Volksarmee, de politie en de paramilitaire eenheden kregen het bevel om alle grensovergangen te bezetten en te sluiten. Genietroepen rolden vervolgens het prikkeldraad uit om op deze wijze Oost-Berlijn hermetisch af te sluiten. De volgende dag begonnen metselaars met de bouw van de muur.
Voor de Berlijnse bevolking kwam de bouw van de muur geheel onverwacht, zo blijkt uit recentelijk geopende archieven van de Oost-Duitse staats-en partijorganen. Men was diep verontwaardigd en totaal niet overtuigd door de ingezette socialistische propaganda. Muurbouwers werden uitgescholden en men bespoot de muur met anti-muur leuzen. De bevolking voelde de spanning destijds wel, maar had niet verwacht dat een zodanig radicale ‘oplossing’ door het DDR-regime zou worden uitgevoerd. Families werden uiteen gescheurd en straten in tweeën gedeeld.  Één van de muurbouwers Walter Vogt beschreef in zijn verslag dat hij op de hoek van de Heinrich Heinestraat en de Fritz Heckertstraat werd uitgescholden door een hoogzwangere vrouw: ‘De mensen waren niet vriendelijk. Een hoogzwangere vrouw met een van haat vertrokken gezicht kwam op ons af en schold ons uit. Wij probeerden haar uit te leggen waarom dit nodig was en verzochten haar naar huis te gaan. Hoe gemakkelijk kon er hier niet wat gebeuren, en haar met haar ongeboren kind verwonden. Nee, ze wilde blijven; haar kind moest in het moederlichaam meekrijgen wat voor een misdaad hier werd begaan.’

East Side Gallery
Na de val van de muur in 1989 werd de muur voor een groot deel door de bewoners van Berlijn verwoest. De overblijfselen van de muur werden naarmate de jaren verstreken steeds meer een toeristische attractie. Je kon als toerist zelf een stukje muur kopen of uit de muur bikken. Men deed daar destijds totaal niet moeilijk over maar tegenwoordig ligt dat anders. Het langste nog bestaande stuk muur, de zogenoemde East Side Gallery dreigt te verdwijnen door de invloed van uitlaatgassen, regen, vorst, vandalistische toeristen en ouderdom. In 1990 kregen 118 kunstenaars de opdracht dit stuk van de muur te bespuiten met graffiti waarvan sommige afbeeldingen wereldberoemd zijn geworden. Er is veel geld nodig om de muur op te knappen, maar het is onzeker of dat er ooit wel gaat komen. 

Literatuur:
Boterman, F., Moderne geschiedenis van Duitsland 1800-heden (Amsterdam 2005)
B. Janssen-De Graaf en Gerhard Sälter, ‘Hier wordt een misdaad begaan. Reacties van de Oost-Berlijnse bevolking op de bouw van de Muur’ in: Het Historisch Nieuwsblad, vol. 5 (2001) blz. 26.
‘Red de Berlijnse Muur’ in: De Pers 10-08-2007.
Website: http://www.duitslandweb.nl/