Franse Tijd

200 jaar geleden werd Nederland door Napoleon bezocht. De Franse Tijd heeft nogal wat veranderingen teweeg gebracht in ons land. Deze herdenking vinden wij een goed moment om dagtochten hieraan te koppelen, zoals Napoleon in Utrecht, Napoleon in Rotterdam en Napoleon in Amsterdam.

Gedurende de laatste 25 jaar van de achttiende eeuw was Utrecht een brandpunt van het toen populaire verlichte denken. Met name rijke middenstanders voelden zich aangetrokken tot politiek-rationeel denken en vonden dat de regentenoligarchie als ook stadhouder WillemV te weinig ruimte boden aan democratie. In hun salons en in de studie- en leesgenootschappen bespraken deze rijke middenstanders hun denkbeelden en lazen het vervolgens in de Post van den Nederrhijn. Deze krant, onder redactie van Pieter ’t Hoen, werd uitgegeven in Utrecht. De groep die meer inspraak eiste, noemde zich "Patriotten" (=vaderlandslievende) net als hun geestverwanten, elders in de Republiek. Tevens zetten zij zich in voor verbetering van de economie door wedstrijden te organiseren en door samen te werken met Maatschappijen tot Nut van het Algemeen. Zo probeerden ze de mensen te stimuleren de malaise te bestrijden. Goed onderwijs werd daarbij onmisbaar geacht. Beroemde aanvoerders van deze Utrechtse Patriotten waren een student met een Ceylonese achtergrond, Quint Ondaatje en Lidt de Jeude die uit een beroemd progressief denkend regentengeslacht kwam. Vanuit Utrecht ontstond in 1784 een landelijk gecoördineerde Patriottenbeweging.

Tijdens één van hun demonstraties in 1786 bestormden zij het stadhuis in Utrecht, met als resultaat: Utrecht was vrij! De eerste democratisch bestuurde stad in de Republiek. Echter in 1787 kwam het Pruisische leger de stadhouder te hulp. Patriotten werden gevangen genomen, gedood, gingen ondergronds of vluchtten richting het door hun bewonderde Frankrijk. Even leek het ancien regime van stadhouder en regenten hersteld. Dit was echter schijn, want intussen voltrok zich in 1789 de Franse Revolutie waardoor in rap tempo de verlichtingsideeën, al dan niet omlijst door bloederige taferelen, ingevoerd werden.

Deze revolutie werd enthousiast geëxporteerd en onder mom van "vrijheid voor volk en vaderland" van harte gesteund door de Patriotten die zo snel mogelijk weer in de openbaarheid traden om het heft opnieuw in handen te nemen. Rond de vrijheidsboom op de Neude werd gedanst door het volk, dat wil zeggen het denkend deel der natie. Het ‘gepeupel’ begreep in die tijd nog niets van politiek en werd er buitengehouden. Het resultaat van al hun inspanningen had echter een keerzijde: een Franse militaire bezetting, een negatieve balans wat betreft ’s lands financiën en een nieuwe elite die aan de macht kwam. Helaas waren die het onderling niet zo met elkaar eens. En zo konden de Fransen gemakkelijk ingrijpen in de Bataafse republiek om het bestuur naar hun hand zetten. Daarbij kwam dat pro-Frans automatisch betekende anti-Engels met enorme consequenties voor handel en bedrijvigheid. Armoede en werkloosheid namen alleen maar toe plus de anti-Franse sentimenten.

Intussen greep de populaire generaal Napoleon Bonaparte de macht en dat betekende vanaf 1799 een nog intensievere Franse bemoeienis met de Bataafse Republiek. Dit had ook militaire consequenties omdat de vijanden van Frankrijk ook onze kusten bestookten (1799 Engelse inval bij Bergen NH). Napoleon vond het Bataafse bestuur te slap en te weinig pro-Frans zodat in 1806 zijn broer Lodewijk Napoleon geïnstalleerd werd tot koning van Holland.

In 1810, Napoleon was al over zijn hoogtepunt heen vanwege een ongunstig verloop van de strijd in Spanje en onwillige bondgenoten als Pruisen en Rusland. Voor een expeditie naar Rusland stonden geld, manschappen, paarden en transportmateriaal hoog op zijn verlanglijstje. Dat was een belangrijke reden om tot inlijving over te gaan. Holland werd onderdeel van het Franse keizerrijk en daarop moest de wetgeving aangepast worden. Omdat Napoleon wilde weten hoeveel weerbare mannen in dit deel van zijn rijk onder de wapenen geroepen konden worden werd de burgerlijke stand ingevoerd. Hij was de eerste heerser met totalitaire trekjes: alles en iedereen was in dienst van het keizerrijk en dus van hem. Door al deze ontwikkelingen en maatregelen was men anti-Frans. De keizer achtte het daarom noodzakelijk naar deze uithoek van zijn rijk te reizen en er een hele maand te blijven. Het was erg belangrijk voor zijn oorlog tegen Rusland, ingeklemd tussen Pruisen en het ó zo vijandige Engeland. Amsterdam werd niet voor niets derde hoofdstad van het rijk. Zijn reis was een charmeoffensief maar tegelijkertijd ook volkomen militair gericht, want hij inspecteerde allerlei strategische locaties en gaf bevelen tot verbetering en uitbreiding.

Samen met zijn nieuwe echtgenote Marie Louise, Oostenrijkse prinses van geboorte, doorkruiste hij kris kras het land waarbij zij vaak lang op hem moest wachten. Begin oktober 1811 reisde hij zo snel mogelijk naar Utrecht. Hier verbleef hij een aantal dagen, heel goed beseffend welke strategische positie deze stad innam. Natuurlijk maakte hij een rijtoer door de stad en logeerde in het paleis dat zijn broer zo fraai had ingericht.

Napoleon werd in oktober 1813 verslagen bij Leipzig waarna in november de oude tijden terugkeerden. Tot ieders opluchting en met ieders instemming arriveerde de zoon van de laatste stadhouder en werd het jaar daarop ingehuldigd als koning der Nederlanden. De elite uit de tijd van Lodewijk Napoleon en de keizer stond deze nieuwe Koning bij om de overgang zo soepel mogelijk te laten verlopen.