Auteur: V. Meerdink, geplaatst: 5 september 2007

Het Verdrag van Venlo.

Tot 1543 bestond het huidige Nederland uit vele kleinere en grote gebieden. In het jaar 1543, op 7 september is er door het Verdrag van Venlo een belangrijke stap voorwaarts gezet in de vorming van een staat die zou uitgroeien tot de Republiek der zeven verenigde Nederlanden.

Als we terugkijken naar de Middeleeuwen, dan zien we dat vooral in de periode van 900 tot 1350 Zuid-Nederland en België was opgedeeld in talloze grotere en kleinere gebieden. Een aantal van die grotere gebieden zijn bijvoorbeeld Brabant, het centraal gelegen gebied tussen Noord-Frankrijk en Noord-Nederland, maar ook het Bisbom Luik, de hertogdommen Limburg, Gelre, Gullick en Luxemburg, het graafschap Vlaanderen en Holland. Daarnaast waren er ook zeer veel kleinere gebieden zoals bijvoorbeeld de graafschappen Loon en Kessel.

Dan zien we na 1350 hoe een aantal gebieden samengevoegd gaan worden. Dit vooral door een uitgekiende huwelijkspolitiek. Grote delen van het tegenwoordige België en Nederland komen dan bij het hertogdom Bourgondië.
Ten oosten van dit machtige hertogdom liggen enkele kleine hertogdommen die bij de Duitse bond behoren, zoals bijvoorbeeld Gelder, Gulik en Kleef. Ook deze hertogdommen raken aan elkaar verbonden door huwelijken.
Het Prins-Bisdom Luik blijft zelfstandig.
Even leek de situatie zo stabiel. Maar toen in 1482 de bisschoppelijke zetel van Luik vacant was, toen brandde de strijd om de macht los in een bloedige oorlog. Vooral de Duitse Keizer Maximiliaan van Oostenrijk wilde zijn macht laten gelden en in Hasselt werd een waar bloedbad aangericht. In 1483 werden de officiële vijandelijkheden wel gestaakt, maar voor de bevolking van die streken werd het er niet beter op. De huursoldaten die nu werkeloos waren geworden, trokken nu al plunderend door de Kempen.
Steeds opnieuw ontbranden de vijandelijkheden. Zo was er in 1490 nog een grote slag tussen de Duitse en Luikse troepen. Deze slag vond plaats in Zonhoven. De Duitsers werden verslagen, maar de tol was zwaar geweest. Volgens bronnen die ooggetuigen verslagen aanhalen bleven er tussen de 700 en 1300 doden op het slagveld achter.
De strijd had diepe wonden geslagen en in het Prins-Bisdom Luik was men het erover eens dat men zich voortaan het beste maar neutraal kon opstellen als de grote mogendheden weer eens oorlog voerden. Voortaan kreeg elk voorbijtrekkend leger een vrije doortocht. De voordelen waren duidelijk: Luik behield zijn onafhankelijkheid en had zelf geen duur leger nodig. Integendeel, de aandacht werd nu gericht op de wapenindustrie en zo werd er aardig verdiend aan de strijdende partijen. Maar de bevolking op het platteland hadden weinig baat bij deze verandering. Integendeel, de gewone man werd voortdurend getergd door buitenlandse legers die vrije doorgang hadden in deze streken en de weerloze bewoners uitbuitten.
Dan valt in 1498 de Duitse Keizer Maximiliaan van Oostenrijk het Gelderse Overkwartier binnen, zeg maar het gebied wat we nu Noord-Limburg noemen. Kleef en Gulik steunen de Duitse keizer en door de bewuste neutraliteit van Luik wordt deze gebeurtenis uiteindelijk Gelre noodlottig. Uiteindelijk, want er ging een zeer langdurige strijd aan vooraf. De oorlogstoestanden duurden van 1498 tot 1543. Ook in deze periode was de bevolking de dupe. Alle delen van Gelre waren in deze tijd zeer vaak oorlogstoneel met de daarmee gepaard gaande inkwartieringen, plunderingen en brandstichtingen. Het was een moeilijke tijd voor met name steden als Roermond en Venlo en de dorpen daar om heen.
Inmiddels was Karel V keizer geworden over de Duitse gebieden. De strijd ging door, werd heftiger.
Vlak voor het einde van de oorlog leek Gelre nog aan de winnende hand. De Gelderse troepen waren Brabant binnengevallen, plunderden het platteland, belegerden Antwerpen en Leuven en verenigden zich bij Luxemburg met de Franse troepen. Toen zetten de Duitse, Habsburgse troepen een aanval in vanuit het noorden, vanuit Gulick. Deze troepen plunderden en brandden alles wat ze tegenkwamen op een nog veel gruwelijker wijze. De branden waren van zeer grote afstanden te zien.
Maar de Gelrenaren lieten zich niet onbetuigd en sloegen met evenveel geweld terug.
Maar toen, in 1543, greep Karel V, koning van Spanje, Keizer van Duitsland, persoonlijk in. Aan het hoofd van een aanzienlijk leger stond hij op 30 augustus 1543 voor Roermond. De stad gaf zich over en enkele dagen later gaf ook Venlo zich over.
En zo werd op 7 september 1543 het Verdrag van Venlo gesloten. Een verdrag waarmee niet alleen Gelre werd ingelijfd in het rijk van Karel V, maar ook een groot deel van de Noordelijke Nederlanden: de 17 provinciën der Nederlanden. In dit verdrag werden de rechten en plichten van Karel V beschreven, alsmede ook die van zijn nieuwe onderdanen. Hierbij komt dan een groot deel van het tegenwoordige Nederland en België onder het gezag van het Habsburgse rijk. Karel V, Keizer van Duitsland, Koning van Spanje, Heer der Nederlanden.
In het Limburgse land blijven er een paar uitzonderingen. Luik en het land van Loon blijven onafhankelijk. Ook de hertogdommen Kleef en Gulick blijven zelfstandig en ook een aantal steden en dorpen.
Maar het grootste gedeelte van de Nederlanden komt onder het centrale gezag wat in Brussel, de hoofdstad van de provincies gevestigd is.

Ga hier naar het archief van eerdere artikelen > >